• Michel

GR5 Traversée des Alpes - Dag 2 - Le Petit Chesnay > La Chapelle d'Abondance

Bijgewerkt op: jul 4


Dent d'Oche (2221m)

Datum: Zaterdag 11/08/2018 Etappe: Le Petit Chesnay > La Chapelle d’Abondance Afstand: 17,4 kilometer Stijgingsmeters: 1231m / Dalingsmeters: 1547m Weer: Zonnig, 26°C

​Ik heb geweldig goed geslapen. Mijn initiële bedoeling is om tot Chalet de La Torrens of zelfs Les Mattes, net onder de Mont de la Grange te stappen, maar al snel zal blijken dat dit niet haalbaar is. Omdat ik vroeg gaan slapen ben, ben ik ook vroeg wakker en neem alle tijd om me voor te bereiden op deze tweede Alpendag. Om 6u50 ben ik tenslotte klaar om te vertrekken.

​De eerste twee kilometer gaan in stijgende lijn en verlopen best vlot. Het begint meer op berglandschap te lijken en de koeien met hun luide koeienbellen zorgen voor extra bergsfeer. Na bijna vier kilometer begin ik aan de beklimming van de Tête des Fieux (1772m). Plots kom ik niet meer vooruit. Hoewel het pad an sich doorgaans heel leuk en steil is, met overal blootliggende boomwortels, krijg ik te kampen met hoogtevrees. Rechts van me gaat het de dieperik in en hoe hoger ik ga, hoe erger het gevoel van machteloosheid en angst. Door de angst wordt mijn adem letterlijk afgesneden en krijg ik het moeilijk. Niet dat ik fysiek niet in staat ben om de beklimming aan te kunnen, maar de hoogtevrees en daaraan gekoppelde angst zuigt gewoon alle kracht uit mijn lichaam. Ik gebruik mijn handen om me aan de boomwortels vast te klampen en zo stilaan de bergtop te bereiken. Ik probeer de “tactiek van de paardenklep” toe te passen, maar ook dat helpt amper. Eenmaal op de top aangekomen haast ik me naar het 500 meter verder gelegen oriëntatiepunt waar ik op adem probeer te komen. Ik heb knikkende knieën en het lijkt alsof ik al een hele dag een zware fysieke inspanning geleverd heb, terwijl ik nog maar 4,5 km en amper 300 hoogtemeters overwonnen heb.

De Mont-Blanc (4808m)

Als ik denk voldoende op adem gekomen te zijn, doet de aanblik van de Pointe de Pelluaz me geen deugd. Gelukkig, dat denk ik althans, moet ik daar niet over en gaat de GR rond de Pointe. Maar aan de splitsing aangekomen staat de GR enkel richting Pointe aangegeven en dus niet langs het makkelijkere originele pad via de Chalet Vert. Met enige tegenzin klim ik via een brede weg naar de skilifthut net onder de Pointe. Daar kom ik een herderin tegen. Zij bekommert zich om een kudde schapen en tamme gemzen. Zij weet me te vertellen dat de nieuwe, jonge eigenaar van het stukje land waarop de Chalet Vert ligt, geen wandelaars over zijn terrein wil en daarom de markering weggehaald heeft. Oudere landbouwers proberen de jongeman te overtuigen, maar zonder succes. Na een tijdje met haar te hebben gesproken, stelt ze voor om me te begeleiden tot aan het kruis op de top van de Pointe de Pelluaz (1908m). Dat is volgens haar het moeilijkste stuk voor mensen zoals ik. Ik neem het aanbod dankbaar aan. Tussen de gemzen in, gaan we in duo naar boven. Boven aangekomen wil ze nog even een praatje slaan, dus hou ik me met beide handen vast aan het kruis. Ik bedank de herderin voor haar hulp.

​De vrouw had wel gelijk, want daarna loopt het pad over de iets bredere bergrug naar een tweede pointe, zonder naam, op hoogte 1915m. Daarna daal ik steil af naar hoogte 1839m waar ik aan de kruising met de originele GR kom. Blijkt dat de markeringen daar niet weggehaald zijn en ik zie verschillende wandelaars vanaf dit punt naar de Chalet Vert wandelen. Ik vloek heel hard. Misschien had ik me dit schrikwekkende stuk kunnen besparen als ik even op onderzoek was uitgegaan. Te laat natuurlijk. Ik krijg heel veel last van twijfels. Ik denk ook al na over stoppen. Immers, als ik nog eens dergelijke stukken tegenkom, dan zou het weleens helemaal fout kunnen lopen. Ik geef mezelf nog even bedenktijd tot ik aan de Lac de la Case (1751m) kom. Daar zet ik me in het zonnetje en neem een uitgebreide pauze.

​Ik ben nu al 3,5 uur onderweg voor amper 550 hoogtemeters en 6,5 kilometer afstand. De afstand wil in de bergen natuurlijk niets zeggen, maar de hoogtemeters wel. Het is dan ook begrijpelijk dat ik aan mezelf begin te twijfelen en of het wel een goed idee is om verder te stappen. Een wandelaar die een praatje met me slaat, zorgt voor nog meer twijfels. Hij meent dat de Pointe de Pelluaz makkelijk is, vergeleken met het stukje na de Portes d’Oche (1937m). Toch beslis ik om door te gaan. Eens ik aan de Portes ben aangekomen, kan ik voor mezelf wel kiezen of het haalbaar is of niet. Een familie geniet van een tweede ontbijt en ik neem de tijd voor een babbel. Zij schatten de volgende 500m niet zo zwaar in. En dat wordt bevestigd wanneer ik een loper met hond zie passeren en kijk hoe zij vorderen. Een tijdje later ga ik hen achterna en inderdaad blijkt het stuk niet zo schrikwekkend. Ik kreeg weer wat moed voor het verdere verloop van de dag.