• Michel

GR120 Sentier du Littoral - Dag 4 - Escalles > Les Hemmes d'Oye

Bijgewerkt op: jul 3


Zicht naar Cap Gris Nez

Datum: Dinsdag 27/06/2017 Etappe: Escalles > Les Hemmes d'Oye Afstand: 29,6 km Stijgingsmeters: 157m / Dalingsmeters: 182m Weer: Zeer zonnig, stevige wind in de ochtend, in de namiddag matige wind uit N-NO

​Om 6u word ik wakker en eet een hele resem notenrepen en nog een handvol abrikozen alvorens me klaar te maken. Tegen 7u15 mag ik meteen aan een kleine klim naar de top van de Cap beginnen. Op de top heb ik moeite om me staande te houden, zo hard gaat de wind daar. Ik slaag er nog in om een foto te maken van het monument voor de Dover Patrol, een eenheid die tijdens WO1 werd opgericht om de Duitsers uit Het Kanaal te houden. Dit monument heeft ook een tweelingbroertje aan overkant nabij Dover en in New York. Tijdens WO2 dynamiteerden de Duitsers het monument op de Cap.

​Van helemaal boven op de Gris Nez heb je een heel mooi zicht tot aan de Gris Nez, maar eveneens in richting van Calais, met daartussenin Sangatte. Ook hier aan de flanken van de Gris Nez is het aantal bunkers niet te tellen. Op de heuvel tegenover, de Mont d’Hubert, zijn er ook weer genoeg littekens uit WO2. De geallieerden moesten immers de schijn hooghouden dat ze in het nauw van Calais hun invasie zouden starten en bombardeerden de kustlijn hier dan ook bijzonder zwaar. De Duitsers konden hun bunkers wat aan het zicht onttrekken door ze aan de achterkant van de Blanc Nez te bouwen en slechts een klein stukje te laten uitsteken. Erg zwaar voor bommenwerpers om zo hun exacte doel te lokaliseren. In de richting van Sangatte zie ik een enorm meer. Blijkt dat dat een overblijfsel is van de bouw van de Eurotunnel die onder Sangatte loopt. Hier werd alle puin en smurrie tijdens de bouwwerken gedropt. Tijdens WO2 lag op die plaats een enorm bunkercomplex van de Duitsers, de batterie Lindemann, genoemd naar de kapitein van de teloorgegane oorlogsboot Bismarck. Ook van hieruit werd toen op Engeland gevuurd.

Monument voor de Dover Patrol

Het gaat nu verder richting Sangatte. Net voor het dorpje ligt het kerkhof, waaronder de Eurotunnel gebouwd werd. In Sangatte zou de GR over de dijk moeten lopen. Een plakaat waarschuwt de wandelaar dat het gevaarlijk is om over de dijk te wandelen. En als ik aankom is er überhaupt geen dijk te bespeuren. Ik moet dus over het strand. Dit werd echter één van de rotste stukken van mijn wandeling. Ze zijn hier immers met zwaar materieel aan verstevigingswerken van de “dijk” bezig en elke honderden meters steken hier palenrijen uit de grond. Hierdoor moet ik constant laveren tussen het onharde zand, ontelbare plassen en daarbij komt ook nog een leuk windje. Dit gaat zelfs tot in Calais duren, zo’n 10 kilometer verderop. Door het vele slalommen mis ik ook de afslag van de GR naar de duinen. Op zich niet erg, want die komt later toch op hetzelfde punt uit. Al had ik graag het Fort Lapin van dichterbij gezien, zonder daarvoor om te moeten lopen.

Wanneer ik aan de strandhuisjes kom, is het tijd om naar de dijk te wandelen en zo kom ik ook Calais binnen. Mijn eerste indruk van de stad is zeker niet de beste. Ik vind het allemaal maar lelijk. Aan het Fort Risban zijn er wegenwerken aan de gang en hebben ze de hele voetgangerszone verniewd. Het ziet er mooi uit, maar het past niet bij de lelijkheid van de gebouwen in de buurt. Ik wil het Fort Risban bezoeken, maar kan de ingang niet vinden. Dit fort bood tijdens WO2 nog lang weerstand tegen de oprukkende Duitsers. Dicht bij de vuurtoren vind ik een supermarkt en een warme bakker en installeer me dan voor een uitgebreide lunch aan diezelfde vuurtoren. Ik neem ruim de tijd om te eten en mijn voeten wat rust te gunnen. De huizen en appartementsgebouwen zien er maar triest uit.

​Ik wil liefst van al zo snel mogelijk de stad uit. Dat doe ik wat later door via de sluizen van het Bassin Carnot oostwaarts de GR te volgen langs de Gare Maritime. Hier zie je een niet aflatende stroom vrachtwagens, hoge hekken, prikkeldraad, militairen, politie,… Je voelt dat het hier menens is. Ik volg de avenue du Commandant Cousteau verder langs diezelfde hekken met prikkeldraad tot ik aan het rondpunt in NO-richting afsla. Niemand houdt me tegen, al staan hier wel verschillende combi’s met agenten. Wat verder is het Rond Point du Hoverport en daar zou ik eigenlijk een weggetje naast de oprit van de A216 moeten nemen. Maar een hoog hek met prikkeldraad verhindert dat. Ik draai helemaal rond op het rond punt om een doorgang te vinden en ondertussen heeft een stel agenten me ook in de gaten. Ze komen in de verte al uit hun combi. Resoluut stap ik op hen af om hen de vraag te stellen waar ik nu wel door kan. Een agent kijkt me verbaasd aan: “Ah vous êtes randonneur?”. “Oui, je fais le GR 120 et je dois passer par là, mais la route est barrée. Où est-ce que je peux passer?” De agent blijkt geen topografische kaart te kunnen lezen. Ik toont hem dan maar met mijn hand waar ik naartoe moet. “Oui, vous pouvez passer par là, mais après vous ne pouvez plus continuer. C’est interdit!”. “Alors je dois faire un détour?” “Non, vous pouvez passer par là, mais puis vous ne pouvez plus continuer.” Ik merk dat hij niet helemaal begrijpt dat ik wel verder moet kunnen en dus neem ik afscheid van de agent en doe dan maar een kleine omweg. Die leidt me langs de Watergang du Sud naar het zuiden richting de D119. Die neem ik dan in oostelijke richting. Onderweg kom ik verschillende stille getuigen van alle vluchtelingenproblematiek tegen: kleren die op prikkeldraad gegooid worden om erover te kunnen zonder zich te verwonden, her en der kleren op de grond, kleine weggeltjes tussen de bosjes,… En dan op de D119 verschillende groepjes vluchtelingen met pak en zak. Ik vraag aan een bewoner van de straat of het veilig is om hier langs te gaan. Ik heb immers gelezen dat de vluchtelingen door hun wanhopige situatie een tijdlang zeer agressief uit de hoek kwamen. De bewoner weet me te vertellen dat ze over het algemeen wel erg kalm zijn. (Amper 4 dagen na mijn vertrek uit Calais gaan honderden vluchteling in deze straat en in de industriezone met elkaar op de vuist.)